donderdag 25 februari 2010

De Nobele Wilde staat opnieuw op

In het artikel Hoe de indianen hun land kwijtraakten - Heilig eigendom versus heilige grond van jurist (en decaan aan de Leidse Faculteit der Rechtsgeleerdheid) Carel Stolker, komt een zeer stereotype beeld van "de indianen" naar voren. Het verscheen in het tijdschrift van de Academische Boekengids, nummer 78 (januari 2010) en is te vinden op de volgende sites http://www.academischeboekengids.nl/do.php?a=show_visitor_artikel&id=889 (pdf) & http://www.academischeboekengids.nl/do.php?a=show_visitor_artikel&id=889.

De maker van deze site kon dat natuurlijk niet zonder reactie voorbij laten gaan. Het gaat niet zozeer om de fictieve brief die Stolker aanhaalt, maar om het verkeerde beeld van "de indianen" dat hij geeft. Die reactie volgt hieronder:

Reactie op: Hoe de indianen hun land kwijtraakten – Heilige eigendom versus heilige grond
Door Carel Stolker.

De Nobele Wilde keert terug
De Universiteit Leiden was tot voor kort een van de weinige universiteiten in Europa met een speciale en onafhankelijke studierichting Indiaans Amerika. Dat betekent dat er aan deze universiteit mensen verbonden waren en zijn die veel van indiaanse geschiedenis, talen en culturen weten. Het is duidelijk dat de decaan van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, de heer Stolker, auteur van dit artikel, niet bij zijn collega’s te rade is gegaan. Van zijn stuk klopt weinig tot niets.

Literatuur
Kijkend naar de gebruikte literatuur doet dat ook weer niet heel veel verbazen. De brief van opperhoofd Seattle is al lang geleden ontmaskerd als een romantische interpretatie van de Amerikaan Henry A. Smith, die, naar eigen zeggen, bovendien slechts een klein gedeelte had van de totale toespraak. Een toespraak die nooit is opgeschreven in de eigen taal van het “opperhoofd” (het Lushootseed) en, voordat Henry er mee aan de slag ging, al min of meer vertaald was via de handelstaal Chinook in het Engels.

Geen brief dus van Seattle zoals Stolker blijkbaar denkt, maar een toespraak. Een van de belangrijkste redenen, naast de indirecte vertalingen, de romantische aard van Henry en het ontbreken van het grootste deel van de oorspronkelijke tekst, is wellicht wel het feit dat Seattle (een Engelse verbastering van Si'ahl) een Dwamish indiaan was. De Dwamish woonden en wonen aan de Noordwestkust van Noord-Amerika, een regio waar de locale culturen een sterke hiërarchie kenden, compleet met machtige leiders en slaven. Bovendien was er in 1854, het jaar van de toespraak, al bijna een eeuw eeuw zeer intensief handelscontact tussen de indianen van de noordwestkust en de Europeanen. Handel vooral in zeeotterbont en handel die, voor de Europeanen, begonnen was door dezelfde man die Stolker ook behandeld: kapitein James Cook.

Vervolgens heeft Stolker zich gebaseerd op het boek “De Overgave” van Arthur Japin. Een mooi boek (o.a. over de Comanche indianen op de Grote Amerikaanse Grasvlaktes, heel andere mensen dan de Dwamish) maar allereerst een roman en historisch niet erg juist. Niet dat dit erg is, maar om “De Overgave” nu te gebruiken als een boek dat uitleg kan geven op de vraag waarom de indianen hun land kwijtraakten, is vrij zinloos.

Dan het beroemde boek van Shorto over Nieuw Nederland. Dat speelt op Manhattan en gaat niet of nauwelijks over de indianen daar. Het is een populair wetenschappelijke verhandeling over de Nederlandse kolonie. Ook dit boek zegt niets over de door Stolker gestelde vraag (ondanks de ietwat romantische verhalen over de aankoop van Manhattan).

De enige twee boeken die daadwerkelijk over het onderwerp gaan (en dan vooral over de situatie in New England, de plek waar – naast Virginia – voor Engelstalige Amerikanen hun land begon) zijn "Changes in the Land: Indians, Colonists, and the Ecology of New England" (1983) van historicus William Cronon en het werk van Stuart Banner, “How the Indians Lost Their Land” (2005).

Aardige boeken, vooral omdat ze diep ingaan op de relaties tussen de eerste Engelse kolonisten en de locale indiaanse volkeren. Toch gaan ook Cronon en Banner (evenals Shorto overigens) te gemakkelijk uit van het traditionele beeld dat "de indianen" een heel ander begrip van "bezit" hadden dan de kolonisten. Een nuttiger boek om te lezen is in dit geval “A Strange Likeness: Becoming Red and White in Eighteenth-Century North America” van Nancy Shoemaker (Oxford: Oxford University Press, 2004) waarin goed op de werkelijke verschillen en overeenkomsten tussen de oostelijke indianen en de kolonisten wordt ingegaan. Het blijkt dat de overeenkomsten groter zijn, ook wat het begrip landbezit betreft.

DE indiaan/inheemse
Uit de besproken literatuur blijkt dus dat jurist Stolker, ondanks zijn baan aan de Leidse universiteit, niet erg op de hoogte is van wat collega wetenschappers over het onderwerp hebben gezegd en geschreven. Belangrijk in deze is ook dat hij – zoals helaas velen voor hem – geen onderscheid maakt tussen de verschillende volkeren. Nee, het is simpelweg Europeanen versus “De Rest”. De Europeanen zijn bijzonder en hebben een aantal unieke eigenschappen, de rest is slechts “de rest”. Iedere specialist in niet-westerse geschiedenis, antropologie, of taalkunde, zou dit tegen kunnen spreken. De specialisten van “TCIA” in Leiden zouden de auteur hebben kunnen vertellen dat “De indianen” niet bestaan. Dat de Dwamish heel anders waren en reageerden op de komst van de Europeanen dan de Comanches van de Vlaktes of de Lenapes op Manhattan. Sommige indiaanse volkeren kenden privélandbezit, anderen niet. Sommige volkeren sloten verdragen met de Europeanen, anderen deden dat niet. Sommigen sloten verdragen met de Fransen, anderen met de Engelsen (of met de Spanjaarden en Portugezen, in tegenstelling tot wat vaak beweerd wordt).

Land
Een markant feit is dat de meeste indianen pas hun land kwijtraakten ongeveer 300 jaar NA Columbus. Columbus plaatste hier en daar een Spaanse vlag en claimde het land voor Spanje. Tegelijkertijd erkende men (ook in beide Iberische landen) echter wel degelijk de indiaanse titel op het land. Een moderne landkaart van het Amerikaanse dubbelcontinent in de 18de eeuw laat vaak de Europese invloedsferen zien zoals die in de hoofden van de Europeanen bestonden/bestaan. In de praktijk woonden slechts een paar miljoen Europeanen begin 1800 in zowel Noord-, als Zuid-Amerika. Buiten de Noord-Amerikaanse oostkust werd heel Noord-Amerika bewoond door indianen. Buiten Mexico-Stad, de Peruaanse kust, de Grote Antillen en de kustregio’s van Brazilië, woonden er nauwelijks Europeanen in het zuiden. En de Europeanen wisten en erkenden dat. De kaarten die werkelijk uit die tijd zelf komen, laten niet zien welke stukken land van Engeland, Frankrijk of Spanje zijn, maar waar welk Europees volk kon (onder)handelen of oorlog voeren samen met de plaatselijke indianen (tegen andere Europese naties en hun indiaanse bontgenoten).

Dit zelfde geldt trouwens voor veel volkeren buiten Amerika. De echte kolonisatie begon pas na 1800. Denk o.a. aan Australië, Indonesië, Afrika en Oceanië.

Slot
Toegegeven, het tweede deel van Stolkers stuk is redelijk goed. Het is inderdaad waar dat, in landen met een inheemse bevolking, het (staats)recht vaak sterk verschilt van dat in landen zonder een dergelijke bevolking. Voor ons in Europa is de politieke situatie in de VS of Brazilië, en bijbehorende uitzonderlijke rechtsgang aangaande indianen, nauwelijks voor te stellen. Maar dat komt niet omdat "DE indianen" nu allemaal zo ontzettend anders tegenover landbezit staan of stonden, dan de Europeanen. Dat komt omdat ze er simpelweg waren toen de eerste Europeanen voet aan wal zetten.

Twee laatste punten
1) Zoals bijna alle historici, die immers geschoold zijn in de Europese traditie dat "geschiedenis" begint bij de geschreven bronnen, gaan de auteurs van de door Stolker genoemde boeken er klakkeloos van uit dat de situatie van de indianen die de Europeanen aantroffen in de 17de/18de en 19de eeuw, DEZELFDE was als die van VOOR de Europeanen. Nadere beschouwing van de vroegste Europese bronnen (uit de 15de en 16de eeuw), het steeds beter wordende beeld dat de archeologie geeft van pre-Columbiaans (= pre-1492!) Amerika, en nauwkeurig onderzoek naar de indiaanse orale en (vaak 17de eeuwse) schriftelijke bronnen, toont aan dat vrijwel in alle Amerikaanse gebieden de situatie slechts honderd jaar voor de eerste kolonisten (rond 1600) geheel anders was. Er woonden veel meer mensen, landbouw (en daarom waarschijnlijk ook landbezit) speelde een veel belangrijker rol en de hiërarchie was groter. De reden dat Europeanen in de 17de eeuw (en van nu!) vaak een verkeerd beeld kregen van indianen, is dat men zich niet realiseerde wat voor impact besmettelijke ziektes - al voor de 17de eeuw - hadden (gehad) op de indiaanse bevolking.

Daar komt bij dat veel indiaanse volken, na langdurig contact met de Europeanen, veel dingen overnamen. Net zoals Europeanen bijvoorbeeld landbouwgewassen en bepaalde politieke ideeën overnamen van indiaanse volken, zo namen verschillende indiaanse naties weer een aantal Europese ideeën en gebruiken over, o.a. (voor zover ze dat nog niet hadden) privélandbezit. Het is een ernstige historische fout om de gehele indiaanse bevolking van Noord- en Zuid-Amerika te zien als star en statisch, onwillig om veranderingen door te voeren.

2) Stolker is een jurist die "uitlegt" hoe de indianen hun land kwijtraakten. Dit is nu precies hetzelfde probleem met bioloog Jared Diamond die wil gaan uitleggen hoe de wereldgeschiedenis gegaan is (in “Paarden, Zwaarden en Ziektekiemen” en “Ondergang”). Beiden hebben een aantal (algemene) werken gelezen en denken dan dat zij het verhaal beter kunnen vertellen. Diamond is er waarschijnlijk schatrijk mee geworden. Waar de specialisten en de niet-Europese volkeren mee achter blijven is wederom een zeer verwrongen, romantisch en vaak zelfs schadelijk beeld dat erg lijkt op het beeld dat de 19de eeuwse antropologen gaven van "Den Wilde in zijn Natuurlyke Oerstaat”

Noten
1) Inmiddels is TCIA (Talen en Culturen van Indiaans Amerika) ondergebracht bij TCLA (Talen en Culturen van Latijns-Amerika)

2) Cook deed op zijn beroemde reis ook de Noord-Amerikaanse Westkust aan en was een van de eerste Europeanen in het gebied die een beschrijving gaf van de lokale bevolking).

3) Een groot deel van het artikel is overgenomen uit zijn publicatie in 1992, "‘Indian Title’ — Indianen, Europeanen en de eigendom van de grond", Quod Licet (de Kleijn-bundel), 417-442. Online te vinden op https://openaccess.leidenuniv.nl/bitstream/1887/1325/1/174_067.pdf

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen